Eén op drie Europese werknemers ervaart discriminatie

0
494

Ruim één op de drie Europese werknemers voelt zich wel eens gediscrimineerd op het werk.

Italianen ervaren dit het meest, Nederlanders het minst.

Toch heeft in Nederland maar liefst 21 procent van de werknemers wel eens last van discriminatie op de werkvloer.

Leeftijdsdiscriminatie

Leeftijd is volgens Europese werknemers de voornaamste reden voor discriminatie, gevolgd door geslacht.

Eén op de vijf Europese werknemers noemt leeftijd ook als grootste rem op hun loopbaanontwikkeling. Discriminatie vanwege geslacht is door 8 procent van de Europese medewerkers ervaren. Onder vrouwen is dat iets meer (12 procent).

Dat blijkt uit het onderzoek ‘The Workforce View’ van HR-dienstverlener ADP naar de gedachten, houding, verwachtingen en zorgen van bijna 10.000 Europese werknemers, waaronder ruim 1.300 Nederlanders.

Jongeren meer last van discriminatie op de werkvloer

Jongeren ervaren meer discriminatie op het werk dan hun oudere collega’s. Van de werknemers jonger dan 25 zegt 46 procent zich wel eens gediscrimineerd te voelen. Onder de groep ouder dan 55 is dat iets meer dan een kwart (28 procent).

In Nederland is dit verschil nog groter. Van de werknemers jonger dan 25 heeft 41 procent zich wel eens gediscrimineerd gevoeld op de werkvloer (41 procent). Onder werknemers ouder dan 55 is dat ‘slechts’ 16 procent.

Niet in elke sector ervaren werknemers evenveel discriminatie. In Nederland scoren de sectoren kunst en cultuur (60 procent) en sales, media en marketing (35 procent) het hoogst. Over heel Europa verschijnt ook de sector financiële dienstverlening (40 procent) hoog in de ranking.

“Het is uiterst treurig dat zo veel werknemers discriminatie op de werkvloer ervaren,” aldus Martijn Brand, algemeen directeur bij ADP Nederland. “Deze resultaten tonen aan dat het voor werkgevers belangrijk is om zich regelmatig af te vragen hoe sterk hun discriminatiebeleid is en of hun HR-team voldoende in staat is om elke vorm van discriminatie aan te pakken, zowel bij het werven van talent als in het dagelijkse werk.”

Loonkloof tussen mannen en vrouwen

Ondanks het feit dat het principe van gelijke beloning is vastgelegd in de EU-wetgeving, worden vrouwen in heel Europa nog steeds 16,3 procent minder betaald dan mannen. Dit heeft er in sommige landen, waaronder Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk, toe geleid dat het rapporteren over de loonkloof tussen mannen en vrouwen is ingevoerd.

De noodzaak voor deze maatregel is niet in alle landen even aanwezig. Werknemers in Nederland zijn het minst geneigd te geloven dat het rapporteren over de loonkloof noodzakelijk is (8 procent). In Frankrijk (32 procent) en Zwitserland (29 procent) is de steun voor deze wetgeving het hoogst.