Klinisch psycholoog-psychotherapeut Dick Freriks deelt in zijn columns zijn ervaringen vanuit de praktijk van de arbeids- en gezondheidspsychologie.


“In mijn fantasie heb ik het kookpunt al bereikt en sla ik erop los. Puur uit jaloezie”

Het afgelopen half jaar werd Danny (36 jaar) bij het uitgaan een paar keer verbaal agressief naar andere mannen. Uit het niets. Zonder drugs of dronkenschap. Alleen omdat zijn vriendin met een andere man praatte.

Ook op de werkvloer (de technische dienst van een productiebedrijf) reageert hij snel veel te geïrriteerd. Dat had hij vroeger nooit. De bedrijfsarts vindt dit zo zorgelijk, dat hij Danny naar mij doorverwijst voor traumaverwerking en aandacht voor impulscontrole.

Ik bereid mij voor op een gesprek met een opgefokt mannetje. Maar tegenover me zit een rustige vent, die vooral bezorgd is zijn nieuwe relatie ‘te verstieren’. En dat is wel het laatste wat hij wil. “Ze is een leuke meid, we hadden het goed samen en ze begreep mij ook. Tot nu toe…” Deze situaties vindt zij echt te ver gaan. “Niet iedere vent is toch een potentiële bedreiging voor onze relatie?”, zegt ze. Ze is een zelfstandige meid die ook haar eigen leven wil. Dat vindt Danny lastig. We proberen te begrijpen waarom hij zo reageert.

Verlatingsangst

We bekijken zijn impulsieve gedrag in de bredere context. Anderhalf jaar geleden heeft zijn ex hem plotseling verlaten met hun dochtertje van zeven. Hij kwam in een leeg huis. Na veel moddergooien zijn ze gescheiden.

We praten over verlatingsangst: het trauma waar de bedrijfsarts op doelde. Danny zegt dat hij zwaar op zijn vorige relatie leunde. Ook vertelt hij over de moeizame band met zijn vader: die heeft hem nooit serieus genomen. Dat is iets wat hem vaak triggert.

We bespreken de betekenis van goede relaties en ik vraag of hij vrienden heeft. “Twee heel goeie vrienden, spreek ik graag mee af.” Hoe is dat dan voor jouw vriendin? “Vindt ze belangrijk en oké”. We weiden samen uit over vriendschap, hoe hij deze jongens heeft leren kennen en hoe waardevol zij voor hem zijn. 

Borrelen, bruisen, koken

In de tweede sessie werken we met de metafoor van een pannetje water op het vuur. Eerst bruist het water, dan borrelt het en dan gaat het koken. Ik vraag hem met dat beeld voor ogen de agressieve situaties te beschrijven. Wat gebeurt er op dat moment met je? Wat denk je? Schrijf vooral op: hoe herken je bruisen en hoe voorkom je borrelen?

Danny vertelt dat zijn vriendin over twee weken een avondje uitgaat met vriendinnen. Hij begint nu al te bruisen: wat moet hij de hele avond alleen doen? Wat gaat zij doen? Ook bruist het al wanneer hij naar het huis van zijn dochtertje rijdt. “Als de nieuwe vriend van mijn ex maar niet de deur open doet. Die kan ik wel schieten!” Dat hij in gedachten al het kookpunt heeft bereikt, maakt dat hij een gevoel van controle mist. Ik vraag hem te bedenken wat hij kàn doen, om te voorkomen dat het in zijn pannetje gaat borrelen.

Dat hij in gedachten al het kookpunt heeft bereikt, maakt dat hij gevoel van controle mist

De volgende sessie vertelt Danny enthousiast dat hij een prima avond had toen zijn vriendin uitging. Huhh? “Ik heb de situatie omgedraaid. Van negatief naar positief.” Hoe? “Nou, vroeger kon ik genieten van een avond alleen thuis zijn. Dus waarom dat fijne gevoel niet terughalen? Dus, jouw vriendin een fijne avond en jij ook? “Ja, ik heb door ons vorige gesprek ontdekt hoe belangrijk mijn vrienden voor mij zijn. Waarom zou ik haar dit ook niet gunnen?” Mijn mond viel open!

Ook bespreken we de situatie met de nieuwe vriend van zijn ex. Door het inzicht dat hij zelf de situatie kan omdraaien, gaat het al een stuk beter. Zijn ex heeft hem zelfs uitgenodigd om samen naar het afzwemmen van hun dochter te gaan kijken.

Tja, wat is hier gebeurd? Van het zware ‘traumaverwerking’ naar een begripvolle jongeman. Door aandacht voor het belang van vriendschappen, kan hij zich nu beter in de situatie van zijn vriendin verplaatsen. Ook heeft hij signalen van onmacht leren herkennen en ombuigen via dat pannetje op het vuur: bruisen, borrelen en koken. Ik houd het op de kracht van deze metafoor en het praten over wat echt betekenis heeft!

Dick Freriks is klinisch psycholoog-psychotherapeut en directeur van Ascender bedrijfspsychologen en coaches.

De beschreven casus is samengesteld uit verschillende voorbeelden, om herkenning onmogelijk te maken. Alle persoonsgegevens zijn fictief. Mocht iemand zichzelf of een ander hierin herkennen, dan berust dat op toeval.

© BG magazine